Het andere fietsen

De meesten onder u hebben de Fransman wel eens voorbij zien flitsen op zijn groene mountainbike, de pet diep over het voorhoofd getrokken om maar vooral niet herkend te worden, dus ik kan het evenwel net zo goed meteen bekennen: ik voel me (een beetje) recalcitrant, een bedrieger, een verrader, een overloper zo u wilt. Ik ben namelijk (nog steeds0 aangestoken door het ATB-virus en tot mijn grote genoegen ben ik niet de enige van onze club.

Ik beoefen de ATB-sport, of liever gezegd het mountainbiken, nu al geruime tijd en ik heb bewust zo lang met dit verhaal gewacht om niet al te enthousiast of fanatiek over te komen, want meestal ebt het enthousiasme weg naarmate de nieuwigheid er afgaat. In dit geval gaat die vlieger echter niet op. Ik ben nog net zo in de ban als in het begin. Als ik moest kiezen tussen wielrennen en mountainbiken zou de beslissing wel eens in het voordeel van laatstgenoemde uit kunnen vallen, daarmee beseffend een smet te werpen op mijn goede naam en faam als coureur.

Maar nu terzake: ik wil verslag doen van mijn ervaringen en bevindingen omtrent het fenomeen ATB. Het is een enorme rage en het zou kortzichtig zijn de ogen te sluiten voor trends in onze tak van sport.

ATB (All Terrain Bike) is de algemene benamning, maar in de volksmond noemt men zo'n fiets een mountainbike. Het is dolle pret met een mountainbike. Je voelt je weer (of nog) kind, zo vrij als een vogeltje en je komt op plaatsen waar je normaliter niet komt of kunt komen. Je fietst dwars door hei, bossen en vennen, over zandpaden en karresporen (single-tracks) en je probeert menig hellinkje en afdalinkje mee te pikken. Hier in de Kempen zijn we rijk bedeeld met bos, hei en vennen, maar het ware Eldorado voor de echte biker is toch de Veluwe, Zuid-Limburg of de Ardennen. Zelfs dat is tegenwoordig nog niet genoeg want er worden reizen georganiseerd naar verre landen zoals Thailand om daar te gaan fietsen.

Soms kom ik urenlang geen mens tegen en waan me alleen op de wereld (is daar geen boek over geschreven?) totdat ik (bijna) van mijn sokken word gereden door nog zo'n idiote biker. Als je eenmaal een bos ingaat ben je er ook niet zo maar weer uit. Van elk pad wil je weten waar deze eindigt en elk pad heeft weer meerdere zijpaden.

Mountainbiken is een uitstekende interval-training. Dit is een betere manier ter voorbereiding op het nieuwe (race)seizoen dan bijvoorbeeld hardlopen. Met een mountainbike kun je ook oerend hard. Het is grappig te zien hoe een wielrenner verbaasd opkijkt als hij wordt gepasseerd door iemand op een andere velocipede dan een racefiets.

Ik denk dat het eind op dit gebied nog lang noet in zicht is, dat er veel technologische ontwikkelingen aan de gang zijn en dat er straks toertochten en wedstrijden worden gehouden. Wie meer wil weten dien ik graag van advies en wie serieus overweegt een mountainbike aan te schaffen: bedenk goed waarvoor je hem wil gebruiken (voor school/werk of voor recreatie) en let op de juiste maat; deze moet ongeveer 5 centimeter kleiner zijn dan de maat van je racefiets.

Het klinkt nogal euforisch maar mountainbiken is echt te gek; een ideale combinatie voor mensen die van sport en van de natuur houden. Wie er eenmaal kennis mee heeft gemaakt is verk(n)ocht. Ik kom jullie dus vast nog wel eens tegen en we hoeven er ons niet voor te schamen, net als wielrennen is het een prachtige sport.

Helaas zijn mijn ATB, ehm ATV dagen alweer op.

De Fransman

Terug naar Fietsverhalen.